Regeerakkoord: nog eens 40 miljoen euro extra in eHealth pompen

pomp

Binnen het ministerie van VWS gelooft men heilig in het propageren van eHealth om de zorg betaalbaar en bemensbaar te houden. In het deze week gepubliceerde regeerakkoord van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie is in een aparte paragraaf weer stimuleringsgeld in het vooruitzicht gesteld. Veertig miljoen euro voor de komende vier jaar. Dat komt dus neer op tien miljoen per jaar als het kabinet dat steuntop een meerderheid van één zetel de rit uitzit. De definitie van eHealth die in Nederland veel gebruikt wordt  en die in 2002 is opgesteld door de Raad voor de Volksgezondheid, behelst het gebruik van nieuwe informatie- en communicatietechnologieën, en met name internet-technologie, om gezondheid en gezondheidszorg te ondersteunen of te verbeteren. De afgelopen twee jaar is het ministerie met meer dan vol gas eHealth aan het promoten. Recent besteedde ik aandacht aan de vloedgolf van workshops, congressen en symposia, die de komende maanden over het zorgveld worden uitgestort. Naast een hele bedrijfstak die lijkt te zijn ontstaan met al dan niet zinvolle eHealth-toepassingen is er nu ook een circuit opgetuigd met workshops en congressen.

Lees meer

KNMG en LHV beseffen nu pas impact sleepwet op medisch beroepsgeheim

sleepnetboot

Op 6 otober 2017 hebben de besturen van de Landelijke Huisartsen Vereniging(LHV) en de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering van de Geneeskunst(KNMG) laten weten, dat zij zich ernstig zorgen maken over de aantasting van het medisch beroepsgeheim door de recent aangenomen wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten(Wiv). Deze wet, ook wel bekend als de aftap- of sleepwet, geeft  genoemde diensten meer en modernere bevoegdheden om informatie op dreiging te onderzoeken. Daarbij is ervoor gekozen om voor de vertrouwelijke communicatie tussen patiënten en artsen en de in de medische databases opgeslagen data geen uitzondering te maken. Hoewel de kennisgevingen van de LHV en KNMG geen oproep doen om het referendumverzoek tegen de sleepwet te ondertekenen kan de opstelling van beide organisaties niet los gezien worden van de pogingen  om de sleepwet alsnog een halt toe te roepen, o.a door middel van een referendum. De openlijke kritische opstelling van LHV en KNMG komt helaas rijkelijk laat. Bij pogingen van de minister van VWS om het medisch beroepsgeheim aan te tasten was men veel alerter.

Lees meer

Referendum sleepwet noodzakelijk i.v.m. aantasting medisch beroepsgeheim

sleepwet referendum

De op 11 juli 2017 in de Eerste Kamer aangenomen wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten(wetsontwerp 34588) maakt het mogelijk dat genoemde diensten verregaande bevoegdheden hebben. De wet wordt door critici de “sleepwet” genoemd, omdat data als het ware met een sleepnet opgevist mogen worden. De bevoegdheden houden in dat er uitbreiding is van tapmogelijkheden, verregaande inlichtingenverzameling via het internet en over internetverkeer, tot het zich actief toegang verschaffen tot ICT-systemen. De formulering van het aangenomen wetsontwerp is zodanig, dat het niet uitgesloten is dat de veiligheidsdiensten zich toegang verschaffen tot ICT-systemen met medische informatie of medische netwerken. Zelfs ICT-toepassingen die aan of in het lichaam toegepast worden zijn niet uitgesloten. Hierdoor is het medisch beroepsgeheim duidelijk in het geding. Ik schreef er met de arts en ICT-kenner Gerard Freriks over op deze website op 24 juli 2017. Door een vijftal onafhankelijke studenten van Universiteit van Amsterdam(UvA) is het initiatief genomen om een referendum over de  sleepwet af te dwingen. Inmiddels zijn er het verzoek tot een referendum 234.000 maal ondertekend en lijkt het er serieus op dat het referendum er gaat komen. 300.000 zijn nodig om het referendum af te dwingen. Dit initiatief staat los van het juridische initiatief van het Public Interest Litigation Project(PILP) om met een brede coalitie van juristen, journalisten, privacy-organisaties en tech-bedrijven om via de rechter een stokje te steken voor het toepassen van de aftapwet.

Lees meer

Smart tattoos geen revolutie bij meten van lichaamsfuncties

tatoeeerder

Op 29 september 2017 stond op de website The Register een artikel over “Smart tattoos” dat mijn aandacht trok. Wetenschappers van de Harvard University en het Massachusetts Institute of Technology(MIT) waren er in geslaagd een tatoeage te maken met biosensors(link naar volledige tekst van de auteurs links boven in deze link). Zij publiceerden het onder de titel The dermal abyss: interfacing with the skin by tattooing biosensors”. De onderzoekers zeggen de zuurgraad(pH), het natrium- en glucose gehalte te kunnen meten via de huid met behulp van met tatoeage aangebrachte chemische substanties. Men beschrijft het als veelbelovend en toepasbaar in geneeskunde en als lifestyle-item. Het lijkt heel wat te beloven in de zin van het doen van metingen zonder lichaamsvloeistoffen af te hoeven nemen. Bij nadere lezing van het wetenschappelijke artikel blijkt het eigenlijk meer om een zogenaamd “proof of concept “ te gaan dan om een daadwerkelijke toepassing bij de mens. De beschreven technologie is uitgetest bij ex-vivo huid van de voorpoot van varkens, dwz niet in het proefdier zelf maar daarbuiten. Het is tevens een methodiek die door meerdere factoren op voorhand als niet vergelijkbaar met de nauwkeurige laboratoriumbepalingen in bloed etc te beschouwen zijn.

Lees meer

Aparte uitspraken van SBG over anonimiseren, privacy en toestemming patiënt

anoniem?

Op donderdag 14 september 2017 organiseerde het Landelijk Overleg Cliëntenraden(LOC) een bijeenkomst voor cliëntenraden over het gebruik van ROM in de geestelijke gezondheidszorg(GGZ). Het LOC maakte er een verslag van. Over het gebruik van data van Routine Outcome Monitoring(ROM) is sinds januari 2017 veel te doen. Ik schreef er meerdere keren over(A, B, C, D, E, F). Overheid en zorgverzekeraars hebben bedacht dat ROM-gegevens, die door eigenlijk bedoeld zijn om op individueel niveau tussen patiënt en therapeut de voortgang van de therapie te evalueren, te gaan gebruiken om kwaliteit van zorg te meten. De data worden dan gebruikt voor zogeheten benchmarking(vergelijken van zorgaanbieders), maar ook voor zorginkoop. Tijdens die bijeenkomst, waar schrijver dezes bij aanwezig was, deden de directeur van de Stichting Benchmark GGZ(SBG), Maarten Erenstein en professor Edwin de Beurs, hoogleraar Routine Outcome Monitoring en benchmarking, en tevens hoofd wetenschappelijk onderzoek bij SBG, enkele opmerkelijke uitspraken over privacy, de toestemmingsverlening door de patiënt en over het  “ vrijwel geanonimiseerd” zijn van de verzamelde data.

Lees meer